Skip to content
Opens in a new window
Listen to this chapter • 1:11

[1] Een psalm van David, voor de koorleider, om te doen gedenken.

[2] Haast U, o God, om mij te redden; HEERE , kom mij spoedig te hulp.

[3] Laat beschaamd en rood van schaamte worden wie mij naar het leven staan; laat terugwijken en te schande worden wie vreugde vinden in mijn onheil.

[4] Laat als loon voor hun smaad terugkeren wie zeggen: Haha!

[5] Laat in U vrolijk en verblijd zijn allen die U zoeken; laat wie Uw heil liefhebben, voortdurend zeggen: Laat God groot gemaakt worden!

[6] Maar ik ben ellendig en arm; o God, kom spoedig tot mij. U bent mijn Hulp en mijn Bevrijder. HEERE , wacht niet langer!

Psalmen — Chapters