Skip to content
Opens in a new window

[1] Toen antwoordde Bildad, de Suhiet, en zeide:

[2] Heerschappij en vreze zijn bij Hem, Hij maakt vrede in Zijn hoogten.

[3] Is er een getal Zijner benden? En over wien staat Zijn licht niet op?

[4] Hoe zou dan een mens rechtvaardig zijn bij God, en hoe zou hij zuiver zijn, die van een vrouw geboren is?

[5] Zie, tot de maan toe, en zij zal geen schijnsel geven; en de sterren zijn niet zuiver in Zijn ogen.

[6] Hoeveel te min de mens, die een made is, en des mensen kind, die een worm is!

Job — Chapters