Skip to content
Opens in a new window
Listen to this chapter • 3:36

[1] De last van Ninevé. Het boek van het visioen van Nahum uit Elkos.

[2] Een na-ijverig God en een Wreker is deHEERE ,qac alephqac* een Wreker is deHEERE , en zeer grimmig. Een Wreker is deHEERE voor Zijn tegenstanders, en Hij handhaaft Zijn toorn jegens Zijn vijanden.

[3] DeHEERE is geduldig, maar groot van kracht en Hij houdt de schuldige zeker niet voor onschuldig. De weg van deHEERE is in wervelwind en in storm,qac bethqac* wolken zijn het stof van Zijn voeten.

[4] Hij bestraft de zee en maakt die droog,qac gimelqac* al de rivieren laat Hij verdrogen. Basan en Karmel zijn verwelkt,qac dalethqac* de bloesem van Libanon is verwelkt.

[5] De bergen beven voor Hem,qac heqac* de heuvels smelten weg, de aarde rijst op voor Zijn aangezicht,qac wawqac* de wereld met al zijn bewoners.

[6] Wie kan standhouden voor Zijn gramschap?qac zainqac* Wie kan te midden van Zijn brandende toorn opstaan? Zijn grimmigheid is uitgegoten als vuur,qac chethqac* de rotsen worden door Hem stukgebroken.

[7] DeHEERE is goed,qac tethqac* Hij is tot een vesting op de dag van de benauwdheid. Hij kent hen die tot Hem hun toevlucht nemen.qac jodqac*

[8] En door een overstromende vloed zal Hij een vernietigend einde maken aan zijn plaatsqac kaphqac* en duisternis achtervolgt Zijn vijanden.

[9] Wat u ook bedenkt tegen deHEERE , Hij Zelf maakt er een vernietigend einde aan. Geen tweede keer zal de benauwdheid opkomen.

[10] Omdat zij vervlochten zijn als dorens, en dronken als dronkaards, zullen zij volledig verteerd worden, als dorre stoppels.

[11] Uit u is iemand voortgekomen die kwaad bedenkt tegen deHEERE , een verderfelijke raadsman.

[12] Zo zegt deHEERE : Al gaat het hun goed en al zijn zij talrijk, toch zullen zij worden weggeschoren: hij zal voorbijgaan! Ik heb u wel vernederd, maar Ik zal u niet meer vernederen.

[13] Nu dan, Ik zal zijn juk van u stukbreken en uw banden verscheuren.

[14] Maar wat u betreft heeft deHEERE geboden: Uw naam zal zich niet meer voortplanten. Uit het huis van uw god zal Ik de gesneden en gegoten beelden uitroeien. Ik zal uw graf toebereiden, want u bent verachtelijk.

[15] Zie op de bergen de voeten van hem die het goede boodschapt, die vrede laat horen! Vier uw feestdagen, Juda, kom uw geloften na, want de verderfelijke man zal voortaan niet meer door u heen trekken, hij is helemaal uitgeroeid.

Nahum — Chapters